|
Overijsselse ouderwetse vis |
Ingrediënten:
800 g kabeljauwfilet (dunne stukken, bijv. staartstukken)
zout, peper
boter
1 citroen
2 uien
paneermeel
stuk rolladetouw of haakkatoen
Bereidingswijze:
Snijd de stukken kabeljauwfilet, indien ze op bepaalde gedeelten wat
te dik zijn om op te rollen, met een scherp mes overlangs een beetje
bij.
Zout ze en snijd de kabeljauwfilet vervolgens in repen van 3 à 4 cm
breed en 12 à 13 cm lang.
Doe de visafsnijdsels in een pan met ± 4 dl water en voeg peper en
zout toe. Breng het geheel langzaam aan de kook en laat de visbouillon
± 30 minuten zachtjes trekken.
Rol intussen de repen vis op en bind de rolletjes vast met één of twee
stukjes rolladetouw of haakkatoen.
Snijd de citroen in schijven en verwijder de pitten.
Snijd de uien in ringen. Beboter een ondiepe vuurvaste schaal.
Zeef de visbouillon en maak hem goed op smaak af met peper en zout.
Zet de kabeljauwrolletjes in de schaal en schenk er zoveel warme
visbouillon bij, dat ze net half onder staan.
Bestrooi alles zeer royaal met paneermeel, zodat het geheel met een
dikke laag paneermeel wordt bedekt. Bedek de visrolletjes met de
citroenschijven. Leg er nog een klein klontje boter op en laat de
visrolletjes, met het deksel op de schaal, op een laag vuur ± 15
minuten stoven.
Indien u geen vuurvaste schaal met deksel bezit, kunt u zelf een
deksel maken met aluminiumfolie. Zorgt u er wel voor, dat de schaal
heel goed afgesloten wordt.
Verhit intussen wat boter in een koekenpan en fruit hierin de ui
ringen goudgeel.
Haal het deksel van de stoofschaal en laat het visgerecht nog ± 5
minuten op een laag vuur uitdampen. Leg de visrolletjes op een schaal
en leg de gebakken ui ringen erbij.
|
|
 |
|
Vis moet vers zijn. Zo vers als maar mogelijk. Laat u
dus niet misleiden door de naam van dit Overijsselse gerecht:
"Ouderwetse vis uit Overijssel". (4 personen) |
| |
|