Ingrediënten:
Voor de koek:
200 gram boter
350 zelfrijzend bakmeel
125 gram witte basterdsuiker
1 ei
snufje zout
1/2 tl nootmuskaat
2 tl gemalen anijszaad
geraspte schil van 2 sinasappelen
40 gram oranjesnippers
Voor de vulling:
300 gram amandelspijs
Voor het glazuur:
200 gram witte basterdsuiker
2 el bessensap
Bereidingswijze:
Vet een bakplaat in, bekleed deze met bakpapier en vet dit ook in.
Vouw een rand van 3 cm om en zet de hoekjes vast met paperclips.
Snijd de boter klein in een royale kom.
Voeg alle ingrediënten toe en kneed deze tot een soepel deeg. Rol de
helft van het deeg uit tot een rechte lap met een dikte van een halve
cm en ter grootte van de bakplaat.Leg de lap op de bakplaat.
Verdeel de losgeroerde amandelspijs eroverheen.Rol de rest van het
deeg op dezelfde manier uit en leg de lap over het spijs heen.
Druk de randen aan. Bak de koek in het midden van een voorverwarmde
oven van 160 graden in ca. 50 minuten gaar en bruin.
Laat de koek afkoelen.
Maak intussen
het glazuur door de basterdsuiker met het bessensap tot een glanzende
massa te roeren. Strijk de glazuur met een mes over de koek. Laat het
glazuur ca.60 minuten drogen. Snij de koek in repen en neem deze van
de bakplaat.Lekker bij de koffie en eens iets anders dan
slagroomtaart.